Sommigen zijn dezer dagen van onthouding aan het doen. Een maand lang. Een maand lang niet chatten. En moeilijk dat dat is. Niet dus. Voor mij toch niet. ‘t Is geen vreemd gebeuren dat mensen mij lange tijd niet onlaajn zien komen. Dat kan eens twee weken zijn, dat kan eens een maand zijn, dat kan twee maanden zijn. Gewoon geen behoefte om ze te spreken. Ok ja, ik sta meestal gewoon offline en ik kan zien wie online komt, maar dat gaat gewoon automatisch bij het opstarten.
Nu het examens zijn, zal men mij dus zeker niet online zien komen. Ik heb geen nood aan gesprekken met bijvoorbeeld klasgenootjes die gaan als volgt: “En wat heb jij al gedaan? Ik heb al dat en dat en dat en dat en ook nog dat en dat gestudeerd.” Dan heb ik meestal zoiets van “Euhm, juist ja, en wanneer slaap je dan precies? Zo tussen 2 en 4 ’s nachts of zo?”
Gisteren, ik heb het eens nagekeken, was het al 11 dagen geleden dat ik nog eens van onlaajn praten gedaan heb. Ik heb de reeks weliswaar gisteren onderbroken. Maar als dat is om naastenliefde te doen (dat is dus een pintje voor tafel vier en pakt uzelf ook iets é), dan kan een uitzonderinkje al wel eens, nietwaar?
Goed, ik ben eens mijn innerlijk zelf eten gaan geven. Als er al eten is natuurlijk. Middagmalen, altijd een verrassing.
Geplaatst in Vanalles








